De “kortste” weg door Lesotho

12 januari

Vandaag rijden we de Sani-pass op, één van de uitdagingen die ik in ieder geval Milady niet wilde onthouden.

’s Ochtends eet ik m’n laatste boterham met Lara’s aardbeienjam, extra lekker doordat in de loop van de maanden de suikers zijn gaan gisten en in alcohol zijn omgezet…

Het is een prachtige rit, de Sani-pass op…

De eigenlijke pas begint aan de Zuid-Afrikaanse kant van de grensovergang, we rijden dus het hele stuk als het ware in niemandsland.

 De grens is een formaliteit, we krijgen een visum voor 5 dagen en rijden verder nadat we bij de “highest pub in Africa” geluncht hebben met een biertje en een burger.

In de middag en avond rijden we door Lesotho. Bovenop de pas, in Lesotho, is de weg mooi geasfalteerd, dat rijdt prima natuurlijk,

ook al zijn ook hier de hellingen uitdagend.

We zien onderweg nog een mooi speelkameraadje voor Milady…

We besluiten om een uur of 3 ’s middags een logeerplek te zoeken, de Molumong Lodge. We willen kamperen, maar als we even de accommodatie bekijken waar we gebruik van kunnen maken van douche en toilet, begint het te regenen.

We besluiten maar binnen te blijven en in een echt bed te slapen.

Binnen brandt het haardvuurtje…  De dames koken voor ons het diner en ook het ontbijt wordt door hen verzorgd.

Als dank voor de goede zorgen laten we de dekens achter die we van Astrid en Jurjen hebben gekregen.

13 januari

De volgende ochtend, het regent nog steeds, bekijken we de kaart en de Garmin en kiezen voor de “kortste weg” terug naar Zuid Afrika. Deze loopt via Taung, Sehonghong, Sehlabathebe met de grensovergang bij Ramatseliso of Qacha’s Nek.

Buiten de Molumong Lodge worden we verwelkomd door Simon, hij heeft een snaarinstrument waarmee hij voor ons een concertje geeft.

Het instrument bestaat uit een stok waarop een paardenhaar gespannen is, hij blaast op een stukje been dat als een soort fluit fungeert.

Het is droog als we vertrekken, dat geeft moed (ondanks de datum van vandaag, vrijdag de 13de).

De klim naar de hoofdweg is al direct een uitdaging, in “low range” en eerste versnelling moet ik de helling voorzichtig beklimmen.

Daarna is de weg tot aan Taung vrij goed te rijden, ondanks de regen van de afgelopen nacht valt de glibberigheid mee.

Als we in Taung vragen hoe we het beste naar de Zuid-Afrikaanse grens kunnen rijden wordt ons bevestigd dat we de weg naar Sehlabathebe moeten nemen en dat die prima te berijden is (met die auto van jullie).

We zijn net de weg (het pad) opgereden of het begint weer te regenen, dat maakt de uitdaging wel wat groter, maar de weg lijkt wat beter te worden.

Op een gegeven moment buigt de weg af van de op de Garmin aangegeven route, het lijkt erop dat er een nieuwe weg is gebaand. We rijden enkele kilometers en realiseren ons dat we steeds verder van de aangegeven route afrijden. We vragen het maar eens na bij een toevallige tegenligger. Hij bevestigt ons dat we inderdaad onderaan bij de rivier links af hadden moeten slaan.
Nu wordt de weg pas echt ruw. We rijden 100 meter vanaf de afslag en staan al direct vast omdat de rivierkruising veel te steil is. Als ik uitstap om de situatie te bekijken blijkt dat er iets verderop een bandenspoor door de rivier loopt, dat zoeken we dan maar op om de kruising te maken.

De weg / het pad wordt ondertussen steeds ruwer en op een gegeven moment ligt er een rotsblok op de weg en moet ik de hele resterende breedte benutten met de linkerwielen op de rand van de afgrond, best spannend.

Verderop staat een auto te wachten tot wij gepasseerd zijn, een Toyota HiAce met een bakkie met ramen, helemaal vol mensen, zeker 10. We delen één van onze flesjes water, meer hebben we niet…

Naarmate we hoger op de pas komen worden de riviertjes die we kruisen wilder maar smaller, toch steeds weer spannend om zo’n kruising te maken, je kunt toch niet helemaal inschatten wat er onder die kolkende waterstroom verstopt is…

Ondanks de regen vorderen we gestaag, niet snel, zo’n 10 km/u gemiddeld denk ik, maar we vorderen goed in de richting van Sehlabathebe.

Vrijdag de 13de en Milady Landy

Helaas slaat het noodlot toch nog toe, het is per slot vrijdag de 13de januari. We zijn net de laatste hoge pas over en zijn de afdaling naar Sehlabathebe begonnen. We hebben net besloten dat we de nabijgelegen lodge op gaan zoeken om een nachtje in luxe te gaan slapen, het regent ondertussen immers onafgebroken.

Het lijkt erop dat Milady het met deze laatste beslissing niet eens is, want in een neergaande haarspeldbocht, rechtsom met links de vallei, stoppen de ruitenwissers ermee, begint de motor te horten en stoten en… komt er rook onder het dashboard vandaan.
Gauw zet ik de hoofdschakelaar uit, de rook duidt immers op een kortsluiting ergens  in de bedrading. We staan stil op een heel ongunstige plek op het pad, net voorbij de haarspeldbocht in het midden van het pad, als er iemand moet passeren is dat niet mogelijk. Ik besluit daarom de auto maar op de (dode) motor remmend en op de voet- en de handrem voorzichtig de weg af te laten rijden tot de volgende bocht. Daar zie ik een redelijk vlak stuk terrein in de buitenbocht waar ik de auto kan parkeren om de schade te inventariseren en herstellen. Het is ondertussen 4 uur ’s middags geworden en het regent nog steeds, ik doe m’n regenjas aan en stap uit de auto, midden in het riviertje dat onder onze auto doorloopt, m’n dichte schoenen blijken toch niet helemaal dicht te zijn.
De eerste gesmolten draden die ik vind zitten inderdaad onder het dashboard, van en naar de sleutel/stuurslotschakelaar, ik kan nog niet direct achterhalen waar ze naartoe lopen, ergens in de kluwen met draden die naar het binnenste van het dashboard paneel en de motorruimte lopen. Ik inspecteer ook de bedrading in de motorruimte en constateer dat ook daar een draad gesmolten is, daar kan ik relatief makkelijk bij dus die vervang ik als eerste.
Ik haal binnen nog wat onderdelen uit het dashboard-paneel en demonteer de panelen aan de onderkant ook gedeeltelijk zodat ik de draden-kluwen wat vrij kan maken. Dat kost best moeite en ik moet ook intensief het elektrisch schema uit het garagehandboek op de laptop raadplegen, maar na een dik uur zwoegen, het is ondertussen tegen zessen, heb ik de gesmolten draden verwijderd en twee nieuwe draden aangebracht. Zo moet het weer werken…
Ik draai het contactslot om en zowaar, de motor start weer, JOEPIE!

Helaas werken de ruitenwissers nog niet, dus de boel moet toch weer open. Ik zie niks mis met de bedrading van de ruitenwissers, dus dat moet ik op een andere manier fixen. Ik start de motor weer, want dan gaan we maar zonder ruitenwissers verder de berg af zolang het nog licht is…
Helaas, geen enkel teken van leven meer bij het starten, wat zou dat nu toch zijn? Ik haal de boel maar weer uit elkaar, maar kan niet ontdekken wat er los of anderszins kapot is, dat wordt toch al moeilijk, de schemer is ingegaan en ik kan alleen maar tussen de dradenboel kijken met behulp van Sonja’s IPhone zaklampje. (onze hoofdlampjes zitten in de tent op het dak…)
Om zeven uur is het echt donker en heb ik de fout nog niet ontdekt, we moeten er dus verplicht een nachtje over slapen. Nadat we een pak koekjes als diner hebben opgegeten en ik wat drogere kleren heb aangetrokken besluiten we in de auto een slaapplekje te maken. Dat valt niet mee met alle spullen in de auto…
Uiteindelijk valt Sonja in haar voorstoel in slaap en ik maak een plekje van de leuning van mijn voorstoel en de passagiersstoel daarachter. Om ons warm te houden gebruiken we handdoeken, omslagdoeken en vesten, ook hebben we allebei nog een droog paar sokken.
Die nacht slapen we niet veel, het regent continue en het riviertje onder de auto blijft stromen, het is koud al kunnen we die redelijk buiten onze afdeksels houden. We redden het om allebei wat uurtjes slaap te pakken, maar als om 4 uur het eerste licht buiten de auto begint te schijnen rekken we ons uit en besluiten dat het ochtend is.
Ik heb vanzelfsprekend ’s nachts liggen denken aan wat er aan de hand kan zijn en heb allerlei scenario’s op m’n programma staan om uit te testen. Sonja’s vraag “gaat het lukken en wanneer kunnen we hier weg?” kan ik dus gedeeltelijk beantwoorden met “ja, het gaat lukken”, over hoe lang het nog gaat duren doe ik geen uitspraak.

14 januari

Uiteindelijk blijkt dat de sleutelschakelaar geen stroom meer doorgeeft bij het inschakelen, dus de geschakelde stroomkring (de witte draden voor de kenners) komen niet onder stroom te staan. Ik verbind dus de bruine aanvoerdraad met de witte draden en voor het starten trek ik een draad die ik op het hulp-stroompunt op het dashboard kan activeren.
De stroom moet nu dus geschakeld worden met de hoofdschakelaar, het stuurslot met de sleutelschakelaar en starten kan door de nieuwe draad met het hulp-stroompunt te verbinden.
Om kwart over zes kunnen we weer rijden! We hebben nog een hele dag en wonder boven wonder, de zon is erdoor gekomen, ook dat ziet er beter uit dan gisteren.

De weg naar Sehlabathebe is net als de voorgaande, best ruw en hier en daar een rivierkruising, maar de lucht is opgeklaard en Milady rijdt weer, we zijn bijna euforisch…
Het dorpje blijkt niet meer te zijn dan wat huizen bij elkaar, verder geen voorzieningen, geen tankstation – oh ja, we hebben beperkt brandstof bij ons, de steeds stijgende weg vraagt veel vermogen en dus brandstof van de motor – en geen coffeeshop voor een ontbijtje… Lesotho is erg armoedig en biedt duidelijk minder voorzieningen dan buurland Zuid-Afrika. Overigens is dat ook aan de mensen te zien, waar we in SA veel dikke mensen zagen is hier vrijwel iedereen slank…

We nemen een bakje muesli met yoghurt uit onze koelkast als ontbijt en rijden verder naar de grens, vanaf Sehlabathebe is de weg eigenlijk best goed, weinig wasbord en eigenlijk geen stenen. Onderweg zijn er prachtige uitzichten over Zuid-Afrika aan de zuidkant en Lesotho aan de noordkant, een mooie rit.

Bij de grensovergang van Ramatseliso vragen we na bij de agenten die er staan hoe de weg voorbij de grens is en zij verzekeren ons dat, zodra we het uitdagende stukje naar het hek hebben gehad, de weg verhard is. We maken geen foto’s maar deze beelden van Google Earth spreken voor zich.

In Zuid-Afrika is de weg inderdaad prima en we kunnen de rest van de dag nog wat kilometers maken.

Gert Jan
Volgen Gert Jan:

Ik ben de restaurateur, bouwer, chauffeur en monteur van Milady Landy. Ik heb deze website gebouwd en schrijf veel van de stukjes. Ik fotografeer graag, het resultaat kan je bewonderen op deze site. Email: GertJan@MiladyLandy.nl

Gert Jan
Laatste berichten van

2 Antwoorden

  1. Gert -Jan ik snap nu wat je bedoelde met de sani pas was niks in vergelijking met de weg er na. Dat was idd een avontuur.

    • Gert Jan

      Hoi Saskia,
      Leuk dat we een aantal ervaringen delen, ik zie de herkenning in je reacties.
      Groet van Gert Jan (en Sonja)

Laat een reactie achter